Kinderpraat

Mijn echtgenoot: “Ik zou dat moeten opzoeken, ik weet het niet van buiten.”

Mijn zoon: “Dat is een voetballer!”

We created a monster.

Advertenties

Hoofd

De pijn was allesoverheersend, een zwart beest dat zich nestelde in mijn hoofd en alles inpalmde, zoals de pijn die ik later zou voelen bij mijn bevallingen. Ik kon aan niets anders meer denken dan aan dat binnen sijpelende vergif dat me verlamde. Alle verzet bleek machteloos.

Het zwarte beest legde eitjes die zich ontpopten tot angst. Ik werd bang voor de avond, voor het donker, wat als die pijn terug zou komen, wat als het nooit meer zou overgaan.

 

Fictief fragment #1

Waarom kon ze het nog altijd niet loslaten? Hun verhaal had uiteindelijk maar een paar weken geduurd en de man van haar leven was hij niet geweest.

Was het uit gekrenkte trots? Of was het de vaststelling dat hij helemaal niet de man bleek te zijn die zij in haar hoofd had uitgedacht, intelligent, romantisch en enkel en alleen bereid tot overspel voor haar, geen enkele andere vrouw zou hem ooit nog van zijn rechte pad afbrengen. Dat bleek nu toch niet helemaal te kloppen. Ze had haar eigen leven zoals ze het kende op het spel gezet voor iemand die dan toch geen Mr. Darcy bleek te zijn. Ze vond nochtans van zichzelf dat ze geen overdreven romantische ziel was. Zo iemand die dacht dat het leven zou moeten lopen zoals in een roman van Jane Austen om dan in een permanente toestand van teleurstelling en frustratie alle mogelijke geluk te saboteren.

Er had zich een onbestemd gevoel van onbehagen in haar lijf genesteld, een druk op haar borstkas die ze constant voelde en haar belette om vrijuit te ademen. Alsof haar longen zich nooit volledig konden vullen met lucht.

The Great Gatsby

Ik had het boek gelezen en graag gelezen en dan is de verfilming bekijken altijd een beetje een risico. Maar toen Baz Lurhmanns Romeo+Juliet uitkwam in 1996, ik was toen 18, was ik verbluft door zijn stijl en het feit dat zijn moderne adaptatie gewoon de oud-Engelse tekst hanteerde.

En dan die muziek. Die ging recht naar mijn jonge en romantische meisjeshart. Ik kon zwelgen in die opzwepende versie van dat toch al fantastische nummer van Prince, dat de tragiek van het liefdesverhaal perfect weergaf.

 

Ik hou wel van een beetje pathetiek in mijn films en muziek. Hoe praktisch en realistisch en ‘down-to-earth’ ik ook mag zijn in het dagelijkse leven, wanneer ik een boek lees of een film bekijk of naar muziek luister, mag het allemaal wel wat grootser. Een vorm van escapisme, zonder mij daarin te verliezen: ik weet perfect wat ‘echt’ is en wat fictie. Maar daarom geniet ik niet minder van wat iemand heeft gecreëerd, ik bewonder hoe sommige mensen, schrijvers, regisseurs, acteurs, muzikanten een wereld kunnen oproepen die precies lijkt weer te geven hoe ik me voel, wat ik mooi vind, waar ik door ontroerd raak.

En Luhrman deed het ook met Moulin Rouge: terug een onmogelijke liefde, terug die theatrale muziek, een universum dat ‘larger than life’ lijkt, maar het natuurlijk helemaal niet is of was.

 

The Great Gatsby dan… De film is ontegensprekelijk van de hand van Luhrmann, maar in de eerste helft is het allemaal een beetje te veel van het goede. De scènes volgen elkaar in zo’n razendsnel tempo op dat ik op mijn honger bleef zitten. Het bleef lange tijd onduidelijk waar de film naartoe wilde. Niet zijn beste film dus, maar de man weet wel welke muziek hij moet kiezen. De zelfverzekerde bombast van Kanye West, de verleidelijke Lana Del Rey en de verstilde melancholie van The XX.

 

Ik behoud voorlopig nog mijn geloof in Baz Luhrmann, al was het maar om zijn wijze raad:

Kaada

De muziek van de Noorse singer-songwriter Kaada is heel filmisch. Dit stuk komt van zijn derde album Music for Moviebikers.

Hij vormt met de immer veelzijdige Mike Patton ook de ‘Kaada/Patton band’. Hun artwork ziet er prachtig uit:

Coeur de pirate

Pseudoniem van Béatrice Martin, een meisje van 22 uit Quebec, dat haar muziekcarrière begon in het hardcore punkmilieu (een beetje zoals Feist). Fascinerend contrast tussen de stoere tatoeages en haar frêle engelenstem.

On ne vit pas au large, mais bien pris en charge
De distance, nous, amants séparés
Par des docks hantés aux barques amarrées
Qui nous tiennent au bord des sentiments

Mais j’arrive et que celles qui t’attendent
Ne t’attendent plus jamais
Ou se fassent un sang d’encre
Pour ce diamant que j’ai
Si je dois moi-même tendre
La carte d’une dévouée
Personne n’a l’emprise que tu as sur moi,
Sur mon souffle qui reste saccadé
Des courses contre le vent
Qui ne comptent plus maintenant
Qu’on s’est dit qu’on s’appartenait

Mais j’arrive et que celles qui t’attendent
Ne t’attendent plus jamais
Ou se fassent un sang d’encre
Pour ce diamant que j’ai
Si je dois moi-même tendre
La carte d’une dévouée